Een recente uitspraak van de Nationale Ombudsman geeft aan dat controlerend ambtenaren wel eens over de schreef kunnen gaan voor wat betreft professionaliteit. Een makelaar had vragen aan de Belastingdienst over hoe hij provisies verwerkte in zijn administratie. Daarop stelde de Belastingdienst een controle in en de controlerend ambtenaren hebben zich daarbij onprofessioneel gedragen, aldus de Nationale Ombudsman. De makelaar heeft de houding van de controleurs als intimiderend en grievend ervaren. De Nationale Ombudsman heeft onderzoek gedaan naar dit voorval en geoordeeld dat de klacht van de makelaar gegrond was.
Hoe moet een belastingambtenaar zich gedragen tijdens een belastingcontrole?
Zakelijk, terughoudend, begripvol, luisterend, verklarend en respectvol. Heel belangrijk is “proberen begrip te krijgen”. Je hoort wel eens belastingambtenaren zeggen “het moet zo, omdat het in de Wet staat”. Nee, de belastingplichtige wil graag uitleg waarom iets moet. Als je het begrijpt kun je mogelijk ook meer begrip hebben voor een bepaalde spelregel. Een enkele keer kom ik ze nog wel eens tegen, de belastingambtenaar die een bedoeling en achtergrond van een wettelijke maatregel niet kan uitleggen. Dat is een gemist kans, vanuit de Belastingdienst.
En over de klacht bij de Nationale Ombudsman. Dit zijn incidenten, in de meeste gevallen verlopen belastingcontroles professioneel.
De politie wordt genationaliseerd, dat wil zeggen er komt een landelijk politiekorps met regionale afdelingen. Nu nog de Belastingdienst nationaliseren. Dus dat er één Belastingdienst komt. U zult denken “maar dat is er toch al?” Ja en nee. Er is inderdaad één landelijke Rijksbelastingdienst, maar heeft u ooit wel eens geprobeerd om het vertrouwensbeginsel toe te passen omdat de ene inspecteur (van belastingkantoor X) iets anders beweert dan een andere inspecteur (van belastingkantoor Y). U krijgt dan in de meeste gevallen het antwoord “de inspecteur van belastingkantoor X is niet gebonden aan de stelling van inspecteur van belastingkantoor Y” (officieel standpunt van de hoogste rechter, Hoge Raad). Natuurlijk zijn er uitzonderingen bijvoorbeeld indien het gaat om landelijk gecoördineerd specifiek beleid. De Hoge Raad geeft aan dat elk belastingkantoor “autonoom” is en een uitspraak van de inspecteur niet bindend is voor een uitspraak van de inspecteur van een ander kantoor.
Naar mijn mening moet dit snel veranderen. De Staatssecretaris beweert steeds dat er eenheid van beleid is, maar wil dit blijkbaar niet toepassen. Bovendien zijn er landelijke Kennisgroepen (panel van gespecialiseerde belastinginspecteurs en ontvangers) die de eenheid moeten bewaken. Het wordt tijd dan de inspecteurs (en ontvangers) met één mond spreken en dat je als burger daar ook rechtszekerheid aan kan ontlenen. Vooral in deze tijd van digitalisering moet het niet moeilijk meer zijn om eenduidig een standpunt in te nemen.
De Staatssecretaris wil volgende week een debat in de Tweede Kamer over de mogelijkheden van een belastingherziening. Zo denkt hij aan de belastingen op inkomen en winst te verlagen en die op concumptie te verhogen (BTW). Zo wil hij – indien mogelijk – de samenvoeging van het algemene en lage BTW tarief. De vraag is of dat Europeesrechtelijk wel kan, omdat de BTW tarieven binnen een bepaalde bandbreedte moeten blijven (om concurrentie tussen landen te voorkomen).Het is een mooi initiatief omdat dan consumptie zwaarder wordt belast en dat past beter bij het beginsel “de vervuiler/gebruiker betaalt”. Maar er moet wel eerst goed worden onderzocht wat de gevolgen zijn, maar daar is het debat een eerste aanzet toe.
Ook wil hij het aantal rijksbelastingen (nu 22) terugbrengen naar 16. Zo denkt hij aan afschaffing van de verpakkingenbelasting. Ik wil ook nog wel een suggestie doen die op veel verlanglijstjes staat “overdrachtsbelasting”.
Belanghebbende krijgt te weinig huurtoeslag. Gaat in bezwaar en de huurtoeslag wordt verhoogd. Belanghebbende verzoekt om een vergoeding van de gemaakte proceskosten en krijgt deze niet. Dan maar naar de rechter en de rechter kent een proceskostenvergoeding toe. De Belastingdienst die nu deze proceskostenvergoeding moet betalen is het daar niet mee eens en tekent hoger beroep aan (bij de Raad van State). De Raad van State komt wel met een verrassend antwoord; “Belastingdienst, als u alleen hoger beroep aantetekent om alsnog de proceskostenvergoeding te bestrijden, dan bent u aan het verkeerde adres. U heeft dan niet voldoende procesbelang. Uw vordering wordt dan ook niet-ontvankelijk verklaard”.
Waarom is dit een bijzondere uitspraak? Omdat de Raad van State nu feitelijk zegt tegen de Belastingdienst; “u kunt geen hoger beroep aantekenen tegen een proceskostenvergoeding”. Dat zou een burger dus ook kunnen overkomen. Ik zie niet in waarom de Belastingdienst hier geen belang heeft. Ik neem aan dat ze als argumentatie zouden hebben dat het aan belanghebbende zelf te wijten was dat de huurtoeslag te laag was vastgesteld. Dat lijkt me voldoende belang. En…rechtsbescherming geldt voor iedereen.
De Belastingdienst gaat als proef ook twitteren waarbij particulieren dan hun vragen over de aangifte via twitter kunnen stellen. Natuurlijk gaat de Belastingdienst dan niet persoonlijke informatie twitteren zoals inkomens, BSN-nummers, namen, etc. Let op: het gaat alleen om de aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2010.
Een speciaal Twitterteam is opgericht. Twitter-account is @BDaangifte. Hashtag is #ag10.
Ik ben voor deze proef omdat ook de Belastingdienst haar gezicht moet laten zien op de nieuwe sociale media. Dit verkleint de kloof tussen burger en Belastingdienst. Bovendien zou het wellicht een verlichting kunnen zijn voor de Belastingtelefoon. Ik heb al eerder gepleit voor meer gebruik van webdiensten. Ik ben heel benieuwd hoe de proef gaat lopen. Moet wel lukken lijkt me, twitterbird is tenslotte ook blauw…
De Staatssecretaris heeft aangegeven dat het makkelijker moet worden dat je als klant een “echte” belastinginspecteur aan de lijn krijgt. Lijkt me een goed plan, omdat ik met de gemiddelde belastingtelefoonmedewerker echt niet verder kom dan het gebruikelijke script. Overigens is dat niet de fout van de betreffende belastingtelefoonmedewerker maar van de Staatssecretaris (diens keuze om daar goedkoop personeel neer te zetten). Als ik vervolgens lees dat 90% van de telefoontjes naar de Belastingtelefoon statusvragen betreft, dan is de oplossing heel simpel (alleen de techniek om dat mogelijk te maken wel lastig). Statusvragen zijn “is mijn aangifte al binnen”, “is mijn betaling ontvangen”, “wanneer krijg ik mijn teruggaaf”, etc. De oplossing is natuurlijk een persoonlijk internetdomein. Dus een pagina waar je inlogt met je Digi-D en daar kunt lezen dat je aangifte is ingediend, betalingen zijn afgeboekt (en hoe), welke verrekeningen zijn uitgevoerd, hoe hoog een belastingschuld is. De ervaring (in het bedrijfsleven) leert al dat je telefoontjes drastisch kunt terugbrengen als je je klanten de mogelijkheid geeft om zelf de informatie op te halen. De Staatssecretaris wil ook zo’n persoonlijk domein op internet, maar geeft ook aan dat dit nog twee tot drie jaar zal duren. Tot die tijd moeten wij de belastingtelefoon lastig vallen met statusvragen…geen lekker vooruitzicht.
Een fiscale eenheid is een groep ondernemingen die met elkaar verbonden zijn en waarvoor de ondernemer een beschikking fiscale eenheid heeft aangevraagd bij de Belastingdienst. Bij een fiscale eenheid krijgt de ondernemer dan voor al zijn ondernemingen één belastingnummer en hoeft de ondernemer maar één aangifte in te dienen. Je kunt een fiscale eenheid aanvragen voor de vennootschapsbelasting (moedermaatschappij met 100% dochtermaatschappijen), voor de omzetbelasting (de ondernemingen zijn nauw met elkaar verbonden) en de loonbelasting (ondernemingen in een concern, dit heet dan een samengestelde groep inhoudingsplichtigen). Let op een fiscale eenheid voor de omzetbelasting kan al van rechtswege ontstaan (die bij vennootschapsbelasting en loonbelasting, pas na aanmelding.
Je hebt een onderneming en in die onderneming zit bijvoorbeeld een bedrijfspand. De overwaarde op het bedrijfspand is bijvoorbeeld zo’n stille reserve. Die overwaarde is niet zichtbaar op de balans, vandaar ook de term “stille”. Als je nu gaat samenwerken met bijvoorbeeld je kinderen in een VOF (vennootschap onder firma) maar je wilt wel recht blijven houden op de opgebouwde stille reserves, dan kun je in het vennootschapscontract een voorbehoud opnemen. Op moment dat de VOF eindigt of jij stapt er uit, dan krijg jij als eerste die stille reserves weer terug (natuurlijk alleen als er iets te verdelen valt bij einde VOF of eruitstappen).
Net een conclusie gelezen van de Advocaat-Generaal (A-G) waarin een ondernemer vraagt om een schadevergoeding omdat zijn zaak zo lang heeft geduurd (van aanslag tot Hoge Raad kleine 7 jaar). Omdat uiteindelijk de boete is komen te vervallen zegt de A-G dat de Hoge Raad geen schadevergoeding kan toekennen. Dit omdat alleen in het geval van een boete (die nu immers is vervallen) zo’n schadevergoedingsplicht bestaat op basis van een mensenrechtenverdrag. Strikt juridisch gezien heeft de A-G gelijk, maar het rechtsgevoel zegt anders. Gelukkig is er een wetsvoorstel in behandeling die de mogelijk geeft om bij een te lange behandelingsduur wel een schadevergoeding toe te kennen. Maar dat laat nog op zich wachten.
Frappanter is echter de behandelingsduur bij de Belastingdienst zelf. Die heeft van aanslag tot uitspraak op bezwaar ruim 3,5 jaar geduurd. Daarbij aantekenen dat ook belanghebbende wel wat valt te verwijten door niet altijd tijdig te reageren. Maar uiteindelijk zit de grootste vertraging bij de Belastingdienst zelf. Dat de A-G de conclusie trekt dat de Hoge Raad geen schadevergoeding kan toekennen is (juridisch gezien) begrijpelijk. Dat de Belastingdienst schijnbaar niets onderneemt tegen betrokken inspecteurs is echter laakbaar. Je zou je kunnen afvragen wat een klacht zou hebben gedaan bij de Nationale Ombudsman. Zou de Staatssecretaris dan wel een schadevergoeding hebben toegekend?
*De Advocaat-Generaal is de adviseur van de Hoge Raad en geeft zijn visie op een zaak en in het overgrote deel van de zaken wordt de conclusie van de A-G door de Hoge Raad overgenomen.Was ik toch altijd gewend om startende ondernemers aan te melden bij de Belastingdienst, blijkt dat zometeen die aanmelding volledig naar de Kamer van Koophandel gaat (net nu er een roep is om de KvK’s maar af te schaffen, of hun taken fors te beperken).
Het was al mogelijk om je als startende ondernemer (natuurlijk persoon, eenmanszaak, ZZPer) aan te melden bij de Kamer van Koophandel die dan vervolgens jou een fiscaal nummer kon verstrekken. Per 6 december wordt dit ook mogelijk voor rechtspersonen en samenwerkingsverbanden. Je meldt je dan een keer aan bij KvK en je krijgt dan de belastingnummers toegekend. Dat heet dan een Rechtspersonen Samenwerkingsverbanden Informatienummer (RSIN). Voor particulieren en eenmanszaken en ZZPers blijft het BSN nummer gelden. Toch jammer dat ze niet gewoon een naam hanteren voor al die fiscale-sociale-handelsregister nummers.


